Niet te vermijden: schilderkunst!

Meer dan welke uitingsvorm dan ook, is het schilderen geworteld in de kunstgeschiedenis. Vanaf zeer vroege vondsten hebben kunstenaars zich uitgedrukt in verf. Van de grotschilderingen tot het heden heeft een ontwikkeling plaatsgevonden die gaat van eenvoudige en schematische weergave naar het pogen de realiteit zo echt mogelijk te laten lijken, en terug. Van ten dienste van de kerk tot een steeds grotere vrijheid van onderwerp en materiaalgebruik.

Zelfs toen de schilderkunst doodverklaard werd stond ze nog centraal, namelijk in de ontkenning van het belang ervan.

Nadat schilders te lang en te zelfverzekerd vertrouwden op de vanzelfsprekendheid waarmee de schilderkunst gewaardeerd werd, was een opnieuw uitvinden van de mogelijkheden noodzaak geworden. In de periode die volgde heeft ze zich opnieuw op de kaart gezet.

Abstractie en figuratie, ruimte suggererend of juist bewust de tweedimensionaliteit benadrukkend. Maatschappijkritisch, lyrisch, verborgen schoonheid zoekend in triviale zaken, onderwerpen vindend in beelden in de media, of in suggestieve landschappen. Inzoomend of juist uitzoomend op bestaand fotomateriaal. Naar de werkelijkheid. Ambachtelijk, of dat juist verwerpend. Ploeterend. Afwachtend.

Melancholisch, dichterlijk, filmisch. Lichtvoetig of duister. Orde scheppend in de chaos in het hoofd.

Planmatig of juist spontaan ontstaan de werken. In een dag geschilderd of behoedzaam opgebouwd, wikkend en wegend, zoekend naar het juiste moment om te stoppen.

In elk schilderij ligt het  hele scala aan beslissingsmomenten besloten. Van het oorspronkelijke idee, de bezieling, het enthousiasme, de zin om te gaan schilderen, naar praktische overwegingen als beslissingen over maat, materiaal, drager, de techniek, de compositie, het tijdsbestek. Of je nu conceptueel werkt of juist heel ambachtelijk, deze praktische aspecten spelen een belangrijke rol in de schilderkunst.